Citaat | Gerechtshof Amsterdam 24 april 2012
Alinea 67 Gerechtshof Amsterdam 24 april 2012
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 24 april 2012, ECLI:NL:GHAMS:2012:BW4100.
Tegen het oordeel inzake de internationale rechtsmacht met betrekking tot de vorderingen in conventie hebben VAT c.s. hun incidentele grieven II en III gericht. De incidentele grief IV berust op het betoog dat de vorderingen van Rhodia reeds omdat zij conflicteren met bepaalde fundamentele beginselen, hadden moeten zijn afgewezen. De incidentele grief V komt op tegen het uitgangspunt dat de door Rhodia ingeroepen octrooien in Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten geldig zijn. De incidentele grieven VI en VII komen op tegen de begroting van de gedingkosten aan de zijde van VAT c.s. en de gedeeltelijke afwijzing van hun desbetreffende nevenvordering.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc5533f5df5c5ed6c4fbff7314bbb708193417079c70823ba94878e03d4e7c62. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc5533f5df5c5ed6c4fbff7314bbb708193417079c70823ba94878e03d4e7c62, en de alinea staat in dat document op bytes 22479 tot 23168.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fc5533f5df5c5ed6c4fbff7314bbb708193417079c70823ba94878e03d4e7c62 | shasum -a 256