Citaat | Gerechtshof Amsterdam 24 april 2012

Alinea 99 Gerechtshof Amsterdam 24 april 2012

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 24 april 2012, ECLI:NL:GHAMS:2012:BW4100.

3.28 In hoger beroep is in het bijzonder nog daarbij gekomen de verklaring van H. Astarcioglu (productie 33 van Rhodia). Deze maakt zich in deze verklaring bekend als de “sales manager” van Rhodia die Richards noemde. De verklaring houdt verder in dat hij in de eerste week van 2011 een telefoongesprek heeft gevoerd met een contactpersoon binnen BASF, waarin hem werd meegedeeld dat BASF in Duitsland cerium-zirconiumproducten koopt van NEO in het Verenigd Koninkrijk en dat NEO die producten in vier weken aflevert als ze in voorraad zijn in “een opslagplaats in Europa”, en dat hij Richards over dit gesprek heeft ingelicht. VAT c.s. hebben niet aangevoerd dat hier op een andere opslagplaats is gedoeld dan die van VAT te Amsterdam.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc5533f5df5c5ed6c4fbff7314bbb708193417079c70823ba94878e03d4e7c62. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc5533f5df5c5ed6c4fbff7314bbb708193417079c70823ba94878e03d4e7c62, en de alinea staat in dat document op bytes 45661 tot 46418.