Citaat | Gerechtshof Amsterdam 7 juni 2012
Alinea 131 Gerechtshof Amsterdam 7 juni 2012
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 7 juni 2012, ECLI:NL:GHAMS:2012:BW8788.
4.4.3. Ook ter zake van de door belanghebbende gestelde restantlening ad f 65.210 is het Hof van oordeel dat belanghebbende het bestaan daarvan niet overtuigend heeft aangetoond. Zij heeft immers noch ter zake van de terbeschikkingstelling, noch ter zake van de gedeeltelijke aflossing van de door haar gestelde lening ad f 425.000 overtuigend bewijs kunnen overleggen. Daar komt nog bij dat zij in eerste aanleg heeft gesteld dat de geclaimde afwaardering tot dit bedrag (f 65.210) rente op de lening van f 1.325.000 betrof.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa79aedc8326791a0035a9e5dc13197efdad436e300d698c00ad81ac3d735acd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa79aedc8326791a0035a9e5dc13197efdad436e300d698c00ad81ac3d735acd, en de alinea staat in dat document op bytes 43023 tot 43561.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fa79aedc8326791a0035a9e5dc13197efdad436e300d698c00ad81ac3d735acd | shasum -a 256