Citaat | Gerechtshof Amsterdam 7 juni 2012
Alinea 135 Gerechtshof Amsterdam 7 juni 2012
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 7 juni 2012, ECLI:NL:GHAMS:2012:BW8788.
4.5.1. Wat partijen, gegeven de voorgaande vaststellingen, verdeeld houdt, is allereerst de vraag welke gevolgen aan de niet-terugbetaling van de lening ad f 1.025.000 moeten worden verbonden voor de heffing van vennootschapsbelasting van belanghebbende. Volgens de inspecteur is sprake van een onzakelijke lening in de zin van het arrest HR 9 mei 2008, nr. 43.849, BNB 2008/191 en kan deze daarom niet, althans niet in 2001, ten laste van de fiscale winst worden afgewaardeerd. Belanghebbende heeft betwist dat sprake is van een dergelijke onzakelijke lening. In hoger beroep heeft zij subsidiair gesteld dat, zo de lening als onzakelijk moet worden gekwalificeerd, deze voor fiscale doeleinden alsnog en in haar geheel als informeel kapitaal moet worden aangemerkt ter zake waarvan in het onderhavige jaar artikel 13ca van de Wet toepassing kan vinden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa79aedc8326791a0035a9e5dc13197efdad436e300d698c00ad81ac3d735acd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa79aedc8326791a0035a9e5dc13197efdad436e300d698c00ad81ac3d735acd, en de alinea staat in dat document op bytes 44274 tot 45142.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fa79aedc8326791a0035a9e5dc13197efdad436e300d698c00ad81ac3d735acd | shasum -a 256