Citaat | Gerechtshof Amsterdam 7 juni 2012
Alinea 167 Gerechtshof Amsterdam 7 juni 2012
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 7 juni 2012, ECLI:NL:GHAMS:2012:BW8788.
4.10.3. Met het voorgaande acht het Hof echter niet overtuigend aangetoond dat de beslissing van belanghebbende om zich jegens [H] Bank borg te stellen, niet heeft berust op aandeel-houdersmotieven. In dit verband overweegt het Hof dat het de bijgestelde prognose voor het resultaat van [R] over 2001, mede bezien in het licht van de eerdere, speculatieve cijfers van het “[R] Businessplan 2001”, dermate onzeker acht dat daaraan geen vergaande conclusies - in de zin dat een onafhankelijke derde, niet-aandeelhouder van [R], overwegend op basis van die cijfers, zich voor een bedrag van f 200.000 ten behoeve van [R] borg zou hebben gesteld - kunnen worden verbonden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa79aedc8326791a0035a9e5dc13197efdad436e300d698c00ad81ac3d735acd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa79aedc8326791a0035a9e5dc13197efdad436e300d698c00ad81ac3d735acd, en de alinea staat in dat document op bytes 72139 tot 72824.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fa79aedc8326791a0035a9e5dc13197efdad436e300d698c00ad81ac3d735acd | shasum -a 256