Citaat | Gerechtshof Amsterdam 7 juni 2012

Alinea 175 Gerechtshof Amsterdam 7 juni 2012

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 7 juni 2012, ECLI:NL:GHAMS:2012:BW8788.

In zijn arrest van dezelfde datum (25 november 2011), nr. 10/05161, BNB 2012/38, heeft de Hoge Raad ter zake van een onzakelijke lening als de onderhavige voorts overwogen dat het door de aandeelhouder/crediteur bij de liquidatie van de deelneming/debiteur op de geldlening geleden verlies deel uitmaakt van het door de aandeelhouder voor de deelneming opgeofferde bedrag in de zin van artikel 13d van de Wet, nu dit verlies voortvloeit uit het door de crediteur in haar hoedanigheid van aandeelhouder aanvaarde debiteurenrisico. Het debiteurenverlies komt volgens de Hoge Raad bij de liquidatie van de deelneming ten laste van de winst van de aandeelhouder/crediteur. In het arrest nr. 10/04588 van dezelfde datum, gepubliceerd in BNB 2012/39, heeft de Hoge Raad, kort gezegd, voorts geoordeeld dat de kwijtschelding van een onzakelijke lening eveneens als een informele kapitaalstorting moeten worden aangemerkt, ook indien en voor zover de vordering oninbaar is en ook voor de debiteur van een zodanige lening.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa79aedc8326791a0035a9e5dc13197efdad436e300d698c00ad81ac3d735acd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa79aedc8326791a0035a9e5dc13197efdad436e300d698c00ad81ac3d735acd, en de alinea staat in dat document op bytes 76592 tot 77619.