Citaat | Gerechtshof Amsterdam 7 juni 2012

Alinea 89 Gerechtshof Amsterdam 7 juni 2012

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 7 juni 2012, ECLI:NL:GHAMS:2012:BW8788.

“In september 2001 verricht de AFM een onderzoek bij [S]. Tijdens dit onderzoek constateert de AFM dat [R] diensten aanbood die verder strekken dan het aanbrengen van cliënten bij [S]. De AFM was van mening dat deze diensten gekwalificeerd dienden te worden als effectenbemiddeling. Daarmee had [R] het verbod op het zonder vergunning aanbieden van effectendiensten overtreden. De AFM deelt dit [R] op 23 oktober 2001 schriftelijk mee. Hierop volgt een schriftelijke betwisting door [R] en [S] samen. Op 19 december 2001 bevestigt de AFM een gesprek met (…) [C]. Bij dit gesprek zijn afspraken gemaakt voor [S], maar ook voor [R]. In de brief staat (…) [dat] het [R] niet [is] toegestaan om transactiegerelateerde vergoedingen te ontvangen. Indien dit wel het geval is, dient [R] (…) een vergunning aan te vragen voor het aanbieden en/of verrichten van effectenbemiddelingsactiviteiten. (…)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa79aedc8326791a0035a9e5dc13197efdad436e300d698c00ad81ac3d735acd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa79aedc8326791a0035a9e5dc13197efdad436e300d698c00ad81ac3d735acd, en de alinea staat in dat document op bytes 26209 tot 27124.