Citaat | Gerechtshof Amsterdam 10 juli 2012

Alinea 111 Gerechtshof Amsterdam 10 juli 2012

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 10 juli 2012, ECLI:NL:GHAMS:2012:BX5608.

De raadsman heeft voorts verzocht, mocht het hof tot een bewezenverklaring komen, de getuige [naam], de vriendin van de bewoner van de [adres], als getuige te doen horen. Naar aanleiding van het eerder gedane verzoek van de raadsman om deze getuige ter terechtzitting op te roepen, is door de advocaat-generaal aan de politie opdracht gegeven de getuige telefonisch te bevragen om na te gaan of zij iets zou kunnen verklaren over de gebeurtenissen rond de lijkvinding dan wel de vechtpartijen op straat in de buurt van het kraakpand in de [adres] begin januari 2010. In het proces-verbaal van bevindingen hieromtrent van 18 juni 2012 staat als verklaring van haar vermeld dat zij in de nacht voorafgaand dat de politie bij haar aan de deur is geweest (het hof begrijpt uit het dossier (dossierpagina A 0030 e.v.) dat de politie op 5 januari 2010 te 22.35 uur aan de deur is geweest), ergens wakker van is geworden, maar dat zij geen daadwerkelijke waarnemingen had gedaan. Hier wenst de raadsman nadere vragen over te stellen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/151d3e952972575b27eb844e89579742e073e463302229d23f8c7309ca4eca52. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 151d3e952972575b27eb844e89579742e073e463302229d23f8c7309ca4eca52, en de alinea staat in dat document op bytes 56555 tot 57596.