Citaat | Gerechtshof Amsterdam 18 december 2012
Alinea 59 Gerechtshof Amsterdam 18 december 2012
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 18 december 2012, ECLI:NL:GHAMS:2012:BY7709.
3.5 Van een vorderingsgerechtigdheid op grond van een lastgeving met volmacht kan in de onderhavige procedure evenmin sprake zijn. Niet alleen heeft [ appellante ] onvoldoende feiten of stellingen aangedragen op grond waarvan kan worden aangenomen dat zij de opdracht of bevoegdheid heeft om in rechte namens de boedel op te treden, maar ook is in geval van onmiddellijke vertegenwoordiging op grond van volmacht van cruciaal belang dat de gevolmachtigde deze hoedanigheid aanstonds vermeldt. Immers, een eisende partij die niet reeds bij dagvaarding heeft gesteld (mede) op te treden als gevolmachtigde van een met name genoemde volmachtgever, kan niet hangende de procedure die hoedanigheid alsnog aannemen door op de voet van artikel 130 Rv haar eis te veranderen (HR 2 april 1993, NJ 1993, 573, LJN ZC0919 en HR 22 oktober 2004, NJ 2006, 202, LJN AP1435).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dec2f8196a5e957f86dcddfda646b18d7eb8260d2e7828f7e7a5ce1866f0c662. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dec2f8196a5e957f86dcddfda646b18d7eb8260d2e7828f7e7a5ce1866f0c662, en de alinea staat in dat document op bytes 19167 tot 20040.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dec2f8196a5e957f86dcddfda646b18d7eb8260d2e7828f7e7a5ce1866f0c662 | shasum -a 256