Citaat | Gerechtshof Amsterdam 21 januari 2014
Onder 3.4 Gerechtshof Amsterdam 21 januari 2014
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 21 januari 2014, ECLI:NL:GHAMS:2014:103.
Ingeval komt vast te staan, dat tijdig een rechtgeldige opt-outverklaring is ingediend, zal het hof hebben te onderzoeken of de effectenleaseovereenkomsten door [appellante sub 2] rechtsgeldig zijn vernietigd. Daarbij heeft voor het hof als uitgangspunt te gelden dat [appellante sub 2] niet gebonden is aan het Dexia Aanbod. De stellingen van Dexia bevatten ontoereikende grond voor het oordeel dat [appellant sub 1] door de aanvaarding van het Dexia Aanbod daaraan niet alleen zichzelf maar ook [appellante sub 2] heeft gebonden. Anders dan [appellanten] en Dexia lijken te veronderstellen zal het hof zich in zijn verdere oordeelsvorming houden aan de lijnen die het heeft uitgezet in zijn arresten van, onder meer, 11 oktober 2011 (LJN BU6767) en 25 september 2012 (LJN BZ 1995).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9b8a4ce1212b6c2871856e80ac7b8c153119da6eeb1006e29298579b2f6c5faa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9b8a4ce1212b6c2871856e80ac7b8c153119da6eeb1006e29298579b2f6c5faa, en de alinea staat in dat document op bytes 12047 tot 12868.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9b8a4ce1212b6c2871856e80ac7b8c153119da6eeb1006e29298579b2f6c5faa | shasum -a 256