Citaat | Gerechtshof Amsterdam 24 april 2014
Alinea 39 Gerechtshof Amsterdam 24 april 2014
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 24 april 2014, ECLI:NL:GHAMS:2014:1602.
Voorts heeft de rechtbank – kort gezegd – overwogen dat artikel 3, eerste lid, en artikel 40, tweede lid, sub b onder iii, van het Internationaal Verdrag voor de Rechten van het Kind (IVRK) tot een strengere beoordeling van termijnoverschrijding nopen. Deze bepalingen houden in de opdracht dat bij alle maatregelen die kinderen betreffen de belangen van het kind de eerste overweging vormen respectievelijk de opdracht tot afdoening van strafzaken zonder vertraging door de bevoegde, onafhankelijke en onpartijdige autoriteit of rechterlijke instantie.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e73509bf3e71c6b724955bc27033941764b30e7ca638aff7215f0056580b5af7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e73509bf3e71c6b724955bc27033941764b30e7ca638aff7215f0056580b5af7, en de alinea staat in dat document op bytes 14163 tot 14733.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e73509bf3e71c6b724955bc27033941764b30e7ca638aff7215f0056580b5af7 | shasum -a 256