Citaat | Gerechtshof Amsterdam 27 mei 2014

Alinea 76 Gerechtshof Amsterdam 27 mei 2014

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 27 mei 2014, ECLI:NL:GHAMS:2014:2028.

- Feiten 1 en 2: Uit de bewijsmiddelen blijkt niet dat de gestelde voorbereidings- en bevorderingshandelingen gericht waren op de invoer van cocaïne, dan wel dat de verdachte daarvan op de hoogte was of had moeten zijn. De verdachte heeft verklaard dat hij met [medeverdachte 2] bezig was met het organiseren van feesten. In die context moeten de tapgesprekken dan ook worden gelezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1d2bdd2c550b29cd7866a664d97f545c2832aa949ebd3f5c57b1e5c7c119d89b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1d2bdd2c550b29cd7866a664d97f545c2832aa949ebd3f5c57b1e5c7c119d89b, en de alinea staat in dat document op bytes 28539 tot 29002.