Citaat | Gerechtshof Amsterdam 10 juli 2014

Onder 4.1.5. Gerechtshof Amsterdam 10 juli 2014

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 10 juli 2014, ECLI:NL:GHAMS:2014:4321.

De primitieve aanslagen ib/pvv 2006 en 2007 zijn gedagtekend op een moment voordat het boekenonderzoek is aangevangen. De primitieve aanslag ib/pvv 2008 is gedagtekend 18 maart 2011. Gesteld noch gebleken is dat het boekenonderzoek voor die jaren op een eerder tijdstip is aangevangen. Nu de dagtekening van de primitieve aanslag ib/pvv 2008 is gelegen voor de aanvang van het boekenonderzoek is in zoverre van een ambtelijk verzuim geen sprake. De aanslag ib/pvv 2009 is echter gedagtekend op een datum (7 mei 2011) die enkele dagen na de uitbreiding van het boekenonderzoek (3 mei 2011) is gelegen. Volgens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad dient verweerder, indien hij bij het opleggen van de aanslag ermee bekend is dat een boekenonderzoek is ingesteld, alvorens een aanslag op te leggen de resultaten van dat onderzoek af te wachten, dan wel bij het opleggen van de aanslag rekening te houden met de op dat moment (redelijkerwijs) te verwachten uitkomst van dat onderzoek. Verweerder heeft verklaard dat ten tijde van de uitbreiding van het boekenonderzoek naar de jaren 2008 en 2009 (op 3 mei 2011) de aangifte ib/pvv 2009 reeds geautomatiseerd was

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a5d8ca1a39295eef045b5dce94a366f6a2d5d08074a9f522b218b8f6d79a8fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a5d8ca1a39295eef045b5dce94a366f6a2d5d08074a9f522b218b8f6d79a8fd, en de alinea staat in dat document op bytes 103499 tot 104671.