Citaat | Gerechtshof Amsterdam 10 juli 2014

Onder 5.4. Gerechtshof Amsterdam 10 juli 2014

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 10 juli 2014, ECLI:NL:GHAMS:2014:4321.

De voor vergoeding in aanmerking komende kosten in hoger beroep zijn de kosten van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. Met inachtneming van het Besluit proceskosten bestuursrecht (het Besluit) stelt het Hof deze kosten vast op 2 (proceshandelingen: beroepschrift in hoger beroep en bijwonen zitting) x € 487 (waarde per punt) x 1,5 (wegingsfactor voor gewicht van de zaak) x 1,5 (vermenigvuldigingsfactor voor samenhangende zaken) = € 2.191,50. Het Hof beschouwt de door belanghebbende ingediende hogere beroepen IB/PVV 2006, 2007, 2008 en 2009 en OB (tijdvak 1 januari 2006 tot en met 31 december 2009) daarbij als samenhangende zaken als bedoeld in artikel 3 van het Besluit, aangezien deze hogere beroepen inhoudelijk op vergelijkbare gronden berusten en (nagenoeg) gelijktijdig zijn ingediend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a5d8ca1a39295eef045b5dce94a366f6a2d5d08074a9f522b218b8f6d79a8fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a5d8ca1a39295eef045b5dce94a366f6a2d5d08074a9f522b218b8f6d79a8fd, en de alinea staat in dat document op bytes 166794 tot 167626.