Citaat | Gerechtshof Amsterdam 11 december 2014

Alinea 369 Gerechtshof Amsterdam 11 december 2014

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 11 december 2014, ECLI:NL:GHAMS:2014:5235.

Wel staat naar het oordeel van hof vast dat benadeelde partijen, die zich in het strafgeding hebben gevoegd en die hun reissom binnen de bewezen verklaarde periode hebben betaald, schade hebben geleden door het handelen van de verdachte. Het hof is van oordeel dat de verdachte steeds de betaalde reissom aan iedere getroffen benadeelde partij moet terugbetalen. Bij de benadeelden voor wie slechts de terugreis niet mogelijk was, zal het hof de helft van het aan de verdachte betaalde bedrag als geleden schade aanmerken. Het hof zal daarom steeds de maatregel van artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht ter hoogte van de betaalde reissom opleggen. Bij de benadeelden voor wie slechts de terugreis niet mogelijk was, zal het hof de maatregel opleggen ter hoogte van de helft van het aan de verdachte betaalde bedrag. Om te voorkomen dat – in het geval van toepassing van vervangende hechtenis – de oplegging van het totaal van deze maatregelen een punitief karakter krijgt, ziet het hof, net als de rechtbank, aanleiding om de vervangende hechtenis steeds te beperken tot 1 dag per slachtoffer.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea84fd3ae2ed84f1ae58d8487ed6e524bc3255bc9e44f5253d119e816c9c977b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea84fd3ae2ed84f1ae58d8487ed6e524bc3255bc9e44f5253d119e816c9c977b, en de alinea staat in dat document op bytes 43747 tot 44864.