Citaat | Gerechtshof Amsterdam 18 december 2014

Onder 4.7. Gerechtshof Amsterdam 18 december 2014

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 18 december 2014, ECLI:NL:GHAMS:2014:5839.

Ter onderbouwing van haar stelling dat sprake is van een willekeurige en onredelijke heffing, voert eiseres het volgende aan. Ten eerste wordt de hoogte van de bouwleges berekend naar rato van het totale oppervlak van het te bouwen gebouw, waardoor de bouwleges zowel absoluut als relatief een zeer hoog bedrag vormen. De hoogte van de legesheffing staat niet in redelijke verhouding tot de redelijkerwijs met de behandeling van de aanvraag gemoeide kosten, aldus eiseres. De leges betreffen 13% van de bouwsom, hetgeen volgens eiseres zodanig disproportioneel is dat ook om die reden sprake is van een onredelijke en willekeurige heffing. Voorts worden de kosten in grote mate toegerekend aan de bouwleges zodat een onevenredige kostenafwenteling plaatsvindt waarvoor volgens eiseres geen objectieve en redelijke rechtvaardigingsgrond bestaat. Eiseres beroept zich ter nadere illustratie van haar stelling dat sprake is van onredelijkheid en willekeur van de tarieven nog op de door haar betaalde leges voor soortgelijke bouwprojecten in de gemeenten Amsterdam en Ouderkerk aan de Amstel, waar het tarief neerkomt op ongeveer 2,7% respectievelijk 3% van de bouwsom.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a084f150d228c842a13f1c4207b88cad5f95a35ab27a6fbc280dbf2a68501122. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a084f150d228c842a13f1c4207b88cad5f95a35ab27a6fbc280dbf2a68501122, en de alinea staat in dat document op bytes 63384 tot 64563.