Citaat | Gerechtshof Amsterdam 26 maart 2015

Onder 5.3. Gerechtshof Amsterdam 26 maart 2015

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 26 maart 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:2155.

De utb is op naam van [A] B.V. gesteld en gezonden naar het adres [xxxstraat] 33 te [H-Z], terwijl tussen partijen vaststaat dat [A] B.V. niet de douaneschuldenaar is, noch is geweest. Tussen partijen is in hoger beroep eveneens vast komen te staan dat de omstandigheid dat [A] B.V. na de juridische fusie met belanghebbende is verdwenen en dat belanghebbende als verkrijgende vennootschap in haar verplichtingen is getreden, voor de beslechting van dit geschil niet relevant is. Partijen houdt verdeeld of het feit dat de utb op naam is gesteld van [A] B.V. en is verzonden naar het adres [xxxstraat] 33 te [H-Z], er aan in de weg staat dat de utb op de in 5.2 genoemde voorgeschreven wijze aan belanghebbende bekend is gemaakt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5b308581ea42f2b7224992b6b5b04768bf43c9aa07a5e9b38c2adf519e1a2a28. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5b308581ea42f2b7224992b6b5b04768bf43c9aa07a5e9b38c2adf519e1a2a28, en de alinea staat in dat document op bytes 27151 tot 27894.