Citaat | Gerechtshof Amsterdam 8 september 2015

Onder 4.4.1. Gerechtshof Amsterdam 8 september 2015

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 8 september 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:4361.

De rechtbank stelt voorop dat de instellingen van de Europese Unie op het gebied van de gemeenschappelijke handelspolitiek, en met name ter zake van beschermende handelsmaatregelen, over een ruime beoordelingsvrijheid beschikken wegens de ingewikkeldheid van de economische, politieke en juridische situaties die zij moeten onderzoeken (zie in die zin arresten van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 4 oktober 1983, Fediol/Commissie, 191/82, Jurispr. 1983 blz. 2913, punt 26, en 7 mei 1987, Nachi Fujikoshi Corporation/Raad, 255/84, Jurispr. 1987 blz. 1861, punt 21). Uit de aangehaalde rechtspraak, en in combinatie met artikel 13, derde lid, van de Basisverordening, vloeit voort dat de Commissie de bevoegdheid heeft om zelf een onderzoek te starten naar de mogelijke ontwijking van een ingesteld antidumpingrecht via andere derde landen. Indien de Commissie bij dit onderzoek op ontwijking stuit, is zij bevoegd om binnen de grenzen van het Unierecht (met name de Basisverordening) maatregelen te treffen om deze ontwijking aan te pakken. De rechtbank stelt op grond van de daarin opgenomen overwegingen vast dat Verordening 723/2011 dergelijke maatregelen bevat. Nu de Raad Verordening 723/2011 heeft vastgesteld na raadpleging van het Raadgevend Comité (hierna: het Comité), is Verordening 723/2011 juridisch bindend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c91c18cc1135d6f1b34c9e7e8fd2149042e9078c4612368e20faa97514d584cc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c91c18cc1135d6f1b34c9e7e8fd2149042e9078c4612368e20faa97514d584cc, en de alinea staat in dat document op bytes 17693 tot 19042.