Citaat | Gerechtshof Amsterdam 8 september 2015

Onder 5.6. Gerechtshof Amsterdam 8 september 2015

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 8 september 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:4361.

Tot slot heeft belanghebbende gesteld dat de Raad met de vaststelling van Uitvoeringsverordening het vertrouwensbeginsel heeft geschonden en haar zorgplicht niet is nagekomen, omdat ook producten worden belast die reeds onderweg waren naar de Europese Unie op het moment dat Verordening (EU) Nr. 966/2010 van de Commissie van 27 oktober 2010 (tot opening van een onderzoek naar de mogelijke ontwijking van de bij Verordening (EG) nr. 91/2009 van de Raad ingestelde antidumpingmaatregelen op bepaalde soorten ijzeren of stalen bevestigingsmiddelen van oorsprong uit de Volksrepubliek China door de invoer van bepaalde soorten ijzeren of stalen bevestigingsmiddelen, verzonden uit Maleisië en al dan niet aangegeven als van oorsprong uit Maleisië, en tot registratie van deze invoer) werd gepubliceerd (28 oktober 2010). Naar ’s Hofs oordeel faalt deze stelling, nu in artikel 13, lid 3, voorlaatste volzin, van de Basisverordening is bepaald dat de uitbreiding van een antidumpingrecht geldt vanaf de datum waarop overeenkomstig artikel 14, lid 5 van de Basisverordening registratie of zekerheidstelling wordt geëist. De Uitvoeringsverordening is hiermee geheel in overeenstemming. Het Hof ziet daarom ook op dit punt geen reden te prejudiciële vragen te stellen aan het Hof van Justitie.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c91c18cc1135d6f1b34c9e7e8fd2149042e9078c4612368e20faa97514d584cc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c91c18cc1135d6f1b34c9e7e8fd2149042e9078c4612368e20faa97514d584cc, en de alinea staat in dat document op bytes 43028 tot 44334.