Citaat | Gerechtshof Amsterdam 13 januari 2015

Onder 3.7 Gerechtshof Amsterdam 13 januari 2015

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 13 januari 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:85.

Het hof overweegt het volgende. Art. 21 Rv verplicht partijen de voor de beslissing van belang zijnde feiten volledig en naar waarheid aan te voeren. Dit betekent niet alleen dat partijen de rechter volledig moeten inlichten over alle voor de beslissing relevant zijnde feiten (volledigheidsplicht), maar ook dat partijen de feiten naar waarheid moeten aanvoeren (waarheidsplicht). In de wetsgeschiedenis is vermeld dat deze bepaling de wettelijke erkenning en vastlegging is van een reeds langer bestaande ontwikkeling, waarin van partijen verlangd wordt dat zij zich bij het aanvoeren van de feiten onthouden van onwaarheid en onvolledigheid, zodat de rechter bij de beslissing zoveel mogelijk recht kan doen aan de materiële werkelijkheid (Parl. Gesch. Burg. Procesrecht, Van Mierlo/Bart, p. 152). Voorts is aangegeven dat de bepaling in elk stadium van de procedure de verplichting meebrengt geen onjuiste feitelijke stellingen aan te voeren en ook niet door onvolledigheid de rechter op het verkeerde been te zetten (Parl. Gesch. Burg. Procesrecht, Van Mierlo/Bart, p. 147.)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/804e4b9e425bb2247043e9be1ecbdee5f046e5d0c8f0ccd4676b07fd14bb7201. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 804e4b9e425bb2247043e9be1ecbdee5f046e5d0c8f0ccd4676b07fd14bb7201, en de alinea staat in dat document op bytes 19279 tot 20384.