Citaat | Gerechtshof Amsterdam 11 februari 2016

Onder 2.2. Gerechtshof Amsterdam 11 februari 2016

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 11 februari 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:1228.

Aangezien vanaf de dag dat belanghebbende het eerste bezwaarschrift heeft ingediend tegen een van de onderhavige besluiten tot de dag waarop de Rechtbank uitspraak heeft gedaan en vanaf de ontvangst van het hogerberoepschrift tot de dag waarop het Hof uitspraak heeft gedaan telkens meer dan twee jaren zijn verstreken, bestond in beginsel aanleiding de Staat der Nederlanden (de Minister van Veiligheid en Justitie) te veroordelen tot vergoeding van de daaraan toe te rekenen immateriële schade. In verband daarmee had het Hof de Minister van Veiligheid en Justitie in de gelegenheid moeten stellen als partij aan het geding deel te nemen (vgl. HR 10 juni 2011, nr. 09/02639, ECLI:NL:HR:2011:BO5046, BNB 2011/232, onderdeel 3.3.5, en HR 7 juni 2013, nr. 12/03118, ECLI:NL:HR:2013:CA2313, BNB 2013/176, onderdeel 4). Dat heeft het Hof verzuimd. Het middel slaagt daarom.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e309a29a168ea81e427ddc82c337b6821cdfe6074efa11b355f796e579a8826. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e309a29a168ea81e427ddc82c337b6821cdfe6074efa11b355f796e579a8826, en de alinea staat in dat document op bytes 13475 tot 14359.