Citaat | Gerechtshof Amsterdam 26 april 2016
Onder 3.7.5. Gerechtshof Amsterdam 26 april 2016
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 26 april 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:1720.
De getuigenverklaring van [Y] kan niet tot het bewijs bijdragen. Alles wat [Y] heeft verklaard berust namelijk op hetgeen [X] en [geïntimeerde] hem hebben verteld; hij was zelf niet aanwezig bij het ongeval. [X] verklaart (als partijgetuige) dat zij altijd heeft begrepen dat [geïntimeerde] remde voor de overstekende eenden. Noch uit het gespreksverslag, noch uit haar getuigenverklaring blijkt dat zij zelf heeft waargenomen dat [geïntimeerde] remde voor de eenden. In de kern steunt de stelling van Allianz dat [geïntimeerde] (mede) voor de eenden heeft geremd alleen op hetgeen [X] van [geïntimeerde] na het ongeval heeft ‘begrepen’. [geïntimeerde] zelf weerspreekt als getuige echter de door [X] gehuldigde lezing. Hij is de enige die uit eigen waarneming kan verklaren waarom en hoe hij heeft geremd. Hij verklaart gedetailleerd hoe hij heeft geremd voor de VW Golf die vóór hem bijna tot stilstand was gekomen. Voorts verklaart [geïntimeerde] dat hij de eenden pas zag toen hij bijna stil stond.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6cf73cd6c8c4b92a4da16af37bd8fc8866cf2c2795e9a9452b8e1686167d4150. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6cf73cd6c8c4b92a4da16af37bd8fc8866cf2c2795e9a9452b8e1686167d4150, en de alinea staat in dat document op bytes 25896 tot 26925.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6cf73cd6c8c4b92a4da16af37bd8fc8866cf2c2795e9a9452b8e1686167d4150 | shasum -a 256