Citaat | Gerechtshof Amsterdam 17 mei 2016
Onder 3.6 Gerechtshof Amsterdam 17 mei 2016
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 17 mei 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:1901.
Bij de verdere beoordeling van de (Peeters/Gatzen-)vordering dient het hof tot uitgangspunt dat de in geding zijnde opdracht met het oog op de persoon van [geïntimeerde] - namelijk vanwege zijn bijzondere kwaliteit van gespecialiseerd insolventieadviseur - is verstrekt. Het is ook [geïntimeerde] geweest die de opdracht feitelijk heeft uitgevoerd. Daarmee is ook op [geïntimeerde] zelf de zorgplicht van een goed opdrachtnemer komen te rusten (art. 7:404 BW). In de aard van de opdracht (sanering van een onderneming met liquiditeitsproblemen) ligt besloten dat [geïntimeerde] zich bij de uitvoering daarvan ook de belangen van de schuldeisers had behoren aan te trekken en daartoe de schuldenpositie van de vennootschappen in kaart had moeten brengen en in zijn advisering ieders verhaalsrechten had moeten respecteren. Schending van die verplichting levert jegens de schuldeisers die in hun verhaalsrechten zijn benadeeld een onrechtmatige daad op indien [geïntimeerde] zich van die benadeling bewust was of had behoren te zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2ffa62a971c4115beb48fea2cf538a18bd6923400b96c5c10b8ffb2cab7ac6d5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2ffa62a971c4115beb48fea2cf538a18bd6923400b96c5c10b8ffb2cab7ac6d5, en de alinea staat in dat document op bytes 19426 tot 20478.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2ffa62a971c4115beb48fea2cf538a18bd6923400b96c5c10b8ffb2cab7ac6d5 | shasum -a 256