Citaat | Gerechtshof Amsterdam 17 mei 2016
Onder 3.15 Gerechtshof Amsterdam 17 mei 2016
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 17 mei 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:1901.
Het hof concludeert dat er geen termen zijn om [geïntimeerde] toe te laten tot tegenbewijs als hiervoor bedoeld. Dat betekent dat genoegzaam is komen vast te staan dat de vennootschappen een belastingschuld hebben en wel - als overigens niet betwist - van de door de curator gestelde omvang, waarvoor de vennootschappen grotendeels hoofdelijk aansprakelijk zijn. Het verweer van [geïntimeerde] dat hij niet wist dat er een belastingschuld was, kan hem niet baten omdat - zo is al overwogen (rov. 3.6) - hij bij zijn aantreden de totale schuldenpositie van de vennootschappen in kaart had moeten brengen; niet is betwist dat hij alsdan van de (potentiële) belastingschuld had kunnen weten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2ffa62a971c4115beb48fea2cf538a18bd6923400b96c5c10b8ffb2cab7ac6d5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2ffa62a971c4115beb48fea2cf538a18bd6923400b96c5c10b8ffb2cab7ac6d5, en de alinea staat in dat document op bytes 29061 tot 29767.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2ffa62a971c4115beb48fea2cf538a18bd6923400b96c5c10b8ffb2cab7ac6d5 | shasum -a 256