Citaat | Gerechtshof Amsterdam 9 juni 2016
Onder 4.3.2. Gerechtshof Amsterdam 9 juni 2016
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 9 juni 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:2218.
(…) De leden van de fractie van het CDA wijzen in het kader van de tegenbewijsregeling van artikel 10a op de voor de toepassing van de huidige bepaling in [het Besluit] neergelegde mogelijkheid dat de geldlening («schuld» in de nieuwe bepaling) en de rechtshandeling zakelijk zijn, indien de geldlening uiteindelijk extern gefinancierd is en sprake is van zogenoemde parallelliteit tussen de geldlening en deze externe financiering. Deze leden vragen te bevestigen dat deze beleidsregel ook voor de onder het nieuwe artikel 10a begrepen situaties van toepassing blijft. Ook de leden van de fractie van de VVD vragen naar het buiten toepassing laten van artikel 10a bij uiteindelijke externe financiering. Tevens vragen de leden van de fractie van het CDA naar de mogelijkheid om de eis van parallelliteit te laten vallen. De eis van parallelliteit tussen de schuld en de uiteindelijke externe financiering is nodig omdat het moet gaan om situaties waarin tussen beide een direct verband bestaat. Is dat het geval, dan blijft ook het gewijzigde artikel 10a buiten toepassing.”, Kamerstukken II 2005/06, 30572, nr. 8, p. 81.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c2d1b369f11fd966188e21b7568a7da299ffcf227e9d74128eb2a53e3535e3a8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c2d1b369f11fd966188e21b7568a7da299ffcf227e9d74128eb2a53e3535e3a8, en de alinea staat in dat document op bytes 28997 tot 30151.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c2d1b369f11fd966188e21b7568a7da299ffcf227e9d74128eb2a53e3535e3a8 | shasum -a 256