Citaat | Gerechtshof Amsterdam 3 mei 2016
Onder 4.5.21. Gerechtshof Amsterdam 3 mei 2016
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 3 mei 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:2441.
Gelet op het onder 4.5.19 en 4.5.20 overwogene is het Hof van oordeel dat belanghebbende met hetgeen hij in dit kader heeft naar voren heeft gebracht, niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij ten tijde van de verplaatsing van de feitelijke leiding van de BV redelijkerwijs niet behoefde te beseffen dat het onzeker was of het als gevolg van de valutawijzigingen in de aangifte van de BV verwerkte verlies over het boekjaar 2002 uiteindelijk voor de belastingheffing zouden worden aanvaard. Daar komt bij dat, zoals de ontvanger terecht heeft gesteld, de inspecteur met dagtekening 28 april 2006 de aanslag Vpb 2002 heeft opgelegd aan de BV, waarin de inspecteur het door de BV in haar aangifte Vpb voor 2002 opgenomen valutaverlies van ruim € 5,8 miljoen heeft gecorrigeerd tot een aanslag Vpb 2002 berekend naar een belastbaar bedrag van € 6.408.899 en een bedrag aan verschuldigde belasting van € 2.209.820. Gelet op de aanzienlijke invloed van deze correctie op de (potentieel) uiteindelijk verschuldigde belasting over de jaren 1999 tot en met 2002, geldt vanaf het tijdstip van het opleggen van deze aanslag des te meer dat belanghebbende geen feiten of omstandigheden aannemelijk heeft gemaakt waaruit volgt dat hij er als bestuurder van de BV ook na het opleggen van deze aanslag zonder meer van uit mocht gaan dat de BV de ten tijde van de zetelverplaatsing aanwezige formele en materiële belastingschulden uiteindelijk zou kunnen voldoen uit de opbrengst of aflossing van haar geldlening aan de moedermaatschappij. Belanghebbende heeft althans – in reactie hetgeen de ontvanger hierover heeft gesteld – geen feiten en omstandigheden aannemelijk gemaakt die tot deze conclusie kunnen leiden. Zonder het als gevolg van de valutawijzingen in de boekhouding verwerkte verlies over 2002 (en de daaruit resulterende mogelijkheid tot terugwenteling van dit aangegeven verlies) bedroeg de ingevolge de Vpb-aanslagen over 2000 en 2002 verschuldigde belasting, die ten tijde van de zetelverplaatsing onbetaald was gebleven, ruim € 1,7 miljoen (zie de onder 2.5.2 vermelde specificatie bij ‘note 7’), terwijl het met de valutawijzigingen gemoeide, door de inspecteur gecorrigeerde valutaverlies een zeer aanzienlijk bedrag betrof (zoals het Hof heeft overwogen in zijn door de rechtbank onder 13 geciteerde uitspraak, bedroeg het met de valutawijzing gemoeide valutaverlies over de periode 22 maart 2002 tot 1 oktober 2002 ruim € 8,9 miljoen).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d416c6dae1caf5f2c83c497316eb7e441817d317e178a175be9b845b49408545. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d416c6dae1caf5f2c83c497316eb7e441817d317e178a175be9b845b49408545, en de alinea staat in dat document op bytes 149486 tot 151958.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d416c6dae1caf5f2c83c497316eb7e441817d317e178a175be9b845b49408545 | shasum -a 256