Citaat | Gerechtshof Amsterdam 3 mei 2016

Onder 4.7.4. Gerechtshof Amsterdam 3 mei 2016

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 3 mei 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:2441.

Het Hof is van oordeel dat de rechtbank terecht heeft overwogen dat de vennootschapsbelasting waarvoor belanghebbende aansprakelijk is gesteld, verband houdt met winst die is toe te rekenen aan de periode dat de BV nog in Nederland was gevestigd (zie ook hetgeen hierover is overwogen onder 4.4.4). Nederland is ter zake van deze winst (uitsluitend) heffingsbevoegd, en belanghebbende is voor de daarover verschuldigde vennootschapsbelasting aansprakelijk gesteld omdat hij is aan te merken als een van de personen die was belast met de verplaatsing van de feitelijke leiding van de BV vanuit Nederland naar Israël, als een van de bevoegde bestuurders van de BV. In artikel 41 IW wordt daarbij geen onderscheid gemaakt naar de woonplaats van de desbetreffende personen/bestuurder(s). Het Hof vermag niet in te zien dat een dergelijke aansprakelijk-heidsregeling naar nationaal recht geen werking zou hebben ten opzichte van bestuurders die hun woonplaats buiten Nederland hebben. Het door belanghebbende vermelde arrest BNB 2000/224 heeft, zoals de rechtbank terecht heeft geoordeeld, betrekking op een niet-vergelijkbaar feitencomplex (uitsluitend buiten Nederland verrichte werkzaamheden).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d416c6dae1caf5f2c83c497316eb7e441817d317e178a175be9b845b49408545. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d416c6dae1caf5f2c83c497316eb7e441817d317e178a175be9b845b49408545, en de alinea staat in dat document op bytes 164843 tot 166048.