Citaat | Gerechtshof Amsterdam 31 mei 2016
Onder 5.24. Gerechtshof Amsterdam 31 mei 2016
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 31 mei 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:2623.
Mededeling van een geboekte douaneschuld dient ingevolge artikel 221, derde lid, van het CDW plaats te vinden binnen drie jaar nadat de douaneschuld is ontstaan. In verordening (EEG, EURATOM) nr. 1182/71 van de Raad zijn regels gesteld die, behoudens andersluidende bepalingen, van toepassing zijn op de termijnen, data en aanvangs- en vervaltijden die zijn bepaald bij rechtshandelingen van de Raad en de Commissie. Daar in het CDW en de UCDW geen andersluidende bepalingen staan, zijn de bepalingen van verordening nr. 1182/71 in casu van toepassing (vgl. HvJ EU 14 april 2005, nr. C-460/01, Commissie/Nederland, punt 29). Artikel 3, eerste lid, tweede alinea, van genoemde verordening bepaalt dat, wanneer een in jaren omschreven termijn ingaat op het ogenblik waarop een gebeurtenis plaatsvindt (i.c. het ontstaan van de douaneschuld), de dag waarop deze gebeurtenis plaatsvindt niet bij de termijn wordt inbegrepen. Artikel 22j van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, gelezen in samenhang met artikel 8:2 van de Algemene douanewet, leidt niet tot een andersluidend oordeel. De desbetreffende aangiften zijn aanvaard op 30 maart 2009 en de verificatie is op diezelfde datum beëindigd, zodat op die datum de douaneschulden zijn ontstaan. De mededelingstermijn eindigde derhalve op 30 maart 2012.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0f7fa63470cde195750756fa3279c79ff45243e02a5882164ab2059a4e0e16c5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0f7fa63470cde195750756fa3279c79ff45243e02a5882164ab2059a4e0e16c5, en de alinea staat in dat document op bytes 77739 tot 79056.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0f7fa63470cde195750756fa3279c79ff45243e02a5882164ab2059a4e0e16c5 | shasum -a 256