Citaat | Gerechtshof Amsterdam 30 juni 2016

Onder 5.3. Gerechtshof Amsterdam 30 juni 2016

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 30 juni 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:3105.

14. Door de inspecteur is een omzet in aanmerking genomen van circa € 220.000 over 2006 tot en met 2009. Belanghebbende hanteert een marge van gemiddeld 30% op nieuwe sieraden en tweedehands sieraden. Bij de door de inspecteur in aanmerking genomen omzet, zou de winst dan circa € 51.000 bedragen. De BTW bedraagt dan circa € 10.000. Daarnaast heeft belanghebbende te maken met allerlei ondernemingskosten waar voorbelasting op drukt. Aannemelijk is dat de voorbelasting op de kosten over 2006 tot en met 2009 minimaal € 10.000 heeft bedragen. Dit betekent dat er per saldo geen BTW verschuldigd is. Er is dus ook niet zowel in relatieve als in absolute zin te weinig BTW afgedragen.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/de5ebe129305f00db0a0ebac4b30b9746845ed30c5bccfdc61ea150fdd427a81. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt de5ebe129305f00db0a0ebac4b30b9746845ed30c5bccfdc61ea150fdd427a81, en de alinea staat in dat document op bytes 33132 tot 33839.