Citaat | Gerechtshof Amsterdam 29 juli 2016

Alinea 64 Gerechtshof Amsterdam 29 juli 2016

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 29 juli 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:3143.

Zoals gevorderd door de advocaat-generaal en bepleit door de verdediging is het hof van oordeel dat uit het dossier noch uit het verhandelde ter terechtzitting in eerste aanleg en in hoger beroep enig bewijs naar voren gekomen is dat de verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan het werven van [slachtoffer] in Nederland. Om die reden zal de verdachte van dit onderdeel van de tenlastelegging worden vrijgesproken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/00a060f612a18d112da9cfbc0c0887bc4deb291cbc6c42f13e82804ca382851d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 00a060f612a18d112da9cfbc0c0887bc4deb291cbc6c42f13e82804ca382851d, en de alinea staat in dat document op bytes 16916 tot 17344.