Citaat | Gerechtshof Amsterdam 3 augustus 2016
Alinea 73 Gerechtshof Amsterdam 3 augustus 2016
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 3 augustus 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:3221.
Het hof is van oordeel dat het enkele feit dat de verdachte 50 procent van de inkomsten van de aangeefster kreeg, niet zonder meer voldoende is om te kunnen spreken van een uitbuitingssituatie. Hierbij neemt het hof in aanmerking dat de verdachte ook een serieus te nemen tegenprestatie leverde: hij nam de acquisitie van en het contact met de clientèle van de aangeefster volledig voor zijn rekening. Ook heeft hij haar geholpen met het realiseren van woon- en werkruimte. Dat de aangeefster belasting zou moeten betalen van haar deel, maakt dit oordeel niet anders, aangezien het betalen hiervan naar de in de Nederlandse samenleving geldende maatstaven als gebruikelijk kan worden gekwalificeerd. Daarbij komt dat ook de verdachte gehouden was zijn inkomsten bij de fiscus op te geven. Tot slot wordt overwogen dat om hierboven genoemde redenen onvoldoende is komen vast te staan dat de aangeefster nog geld moest afdragen voor huur aan de verdachte, [getuige] , ‘ [naam 1] ’ of [naam 2] .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c839708b3210dffc7bc9906b7f64a2332a5c37ac377e8dd5327e35792bd80757. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c839708b3210dffc7bc9906b7f64a2332a5c37ac377e8dd5327e35792bd80757, en de alinea staat in dat document op bytes 27672 tot 28682.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c839708b3210dffc7bc9906b7f64a2332a5c37ac377e8dd5327e35792bd80757 | shasum -a 256