Citaat | Gerechtshof Amsterdam 6 september 2016
Onder 6.5. Gerechtshof Amsterdam 6 september 2016
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 6 september 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:3598.
De onder 6.4. vermelde feiten zijn in het bijzonder van betekenis voor de waardering van het vertrouwen dat de notaris kennelijk had dat klager de transacties, die in de op 29 december 2009 te passeren akten waren vastgelegd, kon overzien. Deze feiten zijn verder van belang bij de weging hoe zwaar het de notaris moet worden aangerekend indien hij te lichtvaardig erop heeft vertrouwd dat klager die transacties kon overzien en dat hij was voorzien van deskundige bijstand, zonder zich ervan te vergewissen dat dit ook daadwerkelijk het geval was. De feiten, die eerst in de civiele procedure naar voren zijn gekomen, hadden daarom in de tuchtprocedure, indien bij het hof bekend, tot een andere beslissing kunnen leiden. Het hof zou hebben onderzocht of deze feiten aan de gegrondverklaring van de klachten in de weg zou hebben gestaan en welke betekenis daaraan toekwam voor de beoordeling van de mate van verwijtbaarheid van het handelen van de notaris, alvorens tot het opleggen van de zwaarste maatregel over te gaan, te meer nu de kamer in eerste aanleg met het opleggen van lichtere maatregelen had volstaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2987aafe8a543a408e0215999b6e9622bacca46268bd86178af10292abf79106. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2987aafe8a543a408e0215999b6e9622bacca46268bd86178af10292abf79106, en de alinea staat in dat document op bytes 26881 tot 28010.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2987aafe8a543a408e0215999b6e9622bacca46268bd86178af10292abf79106 | shasum -a 256