Citaat | Gerechtshof Amsterdam 29 november 2016
Onder 2.4 Gerechtshof Amsterdam 29 november 2016
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 29 november 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:5139.
Het verzoek berust op een misverstand. De aangevallen vaststelling heeft geen betrekking op uren die [X] in de agenda’s van het personeel heeft doorgestreept. De vaststelling is het gevolg van enerzijds de stelling van WEA dat [X] uren onder de codes 351 (jaarrekening), 424, 425 (uitstelregeling), 352 (publicatiestukken) en 450 (jaarafsluiting salarissen) heeft geschreven, terwijl de betrokken werkzaamheden door het personeel werden uitgevoerd, en anderzijds de daarop gevolgde reactie van [X] - zonder betwisting dat de werkzaamheden door het personeel werden uitgevoerd - dat de werkzaamheden forfaitair aan de klant in rekening werden gebracht en al sinds jaar en dag werden gebruikt voor de bepaling van zijn persoonlijke omzet (zie rov. 3.12 van het tussenarrest). Het hof ziet dan ook geen grond om het verzoek in te willigen. Overigens - maar dit ter zijde - heeft WEA al in de inleidende dagvaarding (onder 30) gesteld dat [X] de uren die hij heeft doorgestreept in de agenda’s van het personeel als eigen uren heeft geregistreerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e7ca1f9699ff4389b5b18702d8b76e4cc3c9632fd70616f523c988b4720eab83. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e7ca1f9699ff4389b5b18702d8b76e4cc3c9632fd70616f523c988b4720eab83, en de alinea staat in dat document op bytes 9369 tot 10509.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e7ca1f9699ff4389b5b18702d8b76e4cc3c9632fd70616f523c988b4720eab83 | shasum -a 256