Citaat | Gerechtshof Amsterdam 29 november 2016

Onder 2.15 Gerechtshof Amsterdam 29 november 2016

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 29 november 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:5139.

[X] heeft tot verweer erop gewezen dat ook in zijn optiek een afboeking iets anders is dan een creditfactuur; een afboeking ziet op een (om wat voor reden dan ook) onbetaald gelaten factuur (betalingsonmacht of -onwil of als een klant is opgehouden te bestaan), terwijl een creditfactuur wordt opgemaakt als overeenstemming erover bestaat dat een factuur (deels) niet hoeft te worden betaald. Verder heeft [X] gesteld dat een belangrijk deel van de door WEA in haar overzicht gestelde afboekingen ziet op vaste prijsafspraken die tevoren met WEA zijn besproken en kenbaar was uit de omzetgegevens over 2005. Volgens [X] heeft WEA expliciet niet toegestaan dat zij de relatie met deze klanten zou beëindigen of een hogere vaste prijs zou berekenen. Het is dan niet redelijk om de kosten van die wijze van factureren voor rekening van [X] te laten komen, aldus [X] .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e7ca1f9699ff4389b5b18702d8b76e4cc3c9632fd70616f523c988b4720eab83. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e7ca1f9699ff4389b5b18702d8b76e4cc3c9632fd70616f523c988b4720eab83, en de alinea staat in dat document op bytes 18557 tot 19445.