Citaat | Gerechtshof Amsterdam 7 december 2016

Alinea 124 Gerechtshof Amsterdam 7 december 2016

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 7 december 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:5176.

Uit de stukken in het dossier en het verhandelde ter terechtzitting is niet duidelijk geworden op welk moment het letsel aan [slachtoffer] is toegebracht, door wie en op welke wijze hem het letsel feitelijk is toegebracht, op welk moment [slachtoffer] is overleden, noch of [slachtoffer] aan het letsel is overleden of dat hij is verdronken. Wel staat vast dat genoemd letsel is toegebracht tussen ongeveer 18.30 uur en 22.00 uur en dat [verdachte] en [medeverdachte] in die periode voortdurend met [slachtoffer] onderweg waren. Geen van hen heeft verklaard dat sprake is geweest van een ontmoeting met enig ander. Voor betrokkenheid van derden biedt het dossier ook overigens geen enkel aanknopingspunt. Dit leidt het hof tot de conclusie dat het letsel, dat het gevolg is geweest van meerdere geweldsimpacten, feitelijk is toegebracht door [medeverdachte] , door [verdachte] of door hen beiden tezamen. Hoewel niet kan worden vastgesteld wat hierbij de onderlinge taakverdeling is geweest, staat vast dat beiden aanwezig waren op de plaats waar en het moment waarop, het letsel aan [slachtoffer] werd toegebracht en daarvan wetenschap hebben gehad. Ook staat vast dat [slachtoffer] maximaal één uur na het toebrengen van dat letsel is overleden. Of dat nu is geschied onderweg naar de Weespertrekvaart of kort na het moment waarop [slachtoffer] in het water is beland, is daarbij niet van belang. Van belang is dat [verdachte] en [medeverdachte] steeds, zoals ook uitdrukkelijk door [verdachte] is verklaard, samen zijn gebleven en hebben samengewerkt, ook nadat het letsel aan [slachtoffer] is toegebracht. Zij zijn immers na het toebrengen van het letsel met hem (verder) gereden en hebben hem of zijn dode lichaam naar de Weespertrekvaart gebracht. Daar heeft [medeverdachte] hem of zijn dode lichaam, terwijl [slachtoffer] zich (half) in het water bevond, losgelaten. [medeverdachte] en [verdachte] hebben hem daar vervolgens in het water achtergelaten en zijn weggereden. Geen van hen beiden heeft zich op enig moment van de situatie gedistantieerd, terwijl daar wel gelegenheid voor is geweest. Op grond hiervan is het hof van oordeel dat [medeverdachte] en [verdachte] vanaf 18.30 uur tot aan de dood van [slachtoffer] nauw en bewust met elkaar hebben samengewerkt, welke samenwerking was gericht op het doden van [slachtoffer] .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/673fe6ca87db2fde146e31f6d7063e9f7847f87ebc4284293ec67d7d3c46cd6a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 673fe6ca87db2fde146e31f6d7063e9f7847f87ebc4284293ec67d7d3c46cd6a, en de alinea staat in dat document op bytes 63422 tot 65775.