Citaat | Gerechtshof Amsterdam 7 december 2016

Alinea 26 Gerechtshof Amsterdam 7 december 2016

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 7 december 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:5176.

3: hij op of omstreeks 13 juni 2011 te Almere en/of Amsterdam en/of Diemen, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, getuige zijnde van het ogenblikkelijke levensgevaar waarin [slachtoffer] verkeerde, heeft nagelaten die hulp te verlenen en/of te verschaffen die hij die [slachtoffer] , zonder gevaar voor zichzelf of anderen redelijkerwijs te kunnen duchten, kon verlenen of verschaffen, immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) gedurende enige uren rondgereden met die [slachtoffer] , zulks terwijl die [slachtoffer] (ernstig) halsletsel had en/of het bewustzijn had verloren, in elk geval niet meer aanspreekbaar was en/of niet in staat was zich (normaal) te bewegen en/of zich in die auto overeind te houden en/of (vervolgens) die [slachtoffer] in het water van de Weespertrekvaart heeft gegooid of geduwd of laten glijden en/of (daarna) die [slachtoffer] in de Weespertrekvaart heeft achtergelaten en/of is weggereden, terwijl de dood van die [slachtoffer] is gevolgd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/673fe6ca87db2fde146e31f6d7063e9f7847f87ebc4284293ec67d7d3c46cd6a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 673fe6ca87db2fde146e31f6d7063e9f7847f87ebc4284293ec67d7d3c46cd6a, en de alinea staat in dat document op bytes 16504 tot 17568.