Citaat | Gerechtshof Amsterdam 7 december 2016
Alinea 33 Gerechtshof Amsterdam 7 december 2016
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 7 december 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:5176.
[verdachte] en [medeverdachte] hebben er beiden voor gekozen geen helderheid te verschaffen over de reden waarom en de wijze waarop [slachtoffer] de dood heeft gevonden. Uit het dossier en het onderzoek ter terechtzitting blijkt dat [medeverdachte] die dag de touwtjes in handen had. Zij benadert [S.V.] om [slachtoffer] op de mouw te spelden dat er een ontmoeting met ene “Natascha’ in het verschiet ligt. [S.V.] heeft dat ter terechtzitting in hoger beroep ook bevestigd. Het zoontje van [medeverdachte] wordt weggebracht naar [R.N.] . Er stond kennelijk een langere autorit op het programma. Daarbij past naar het oordeel van het openbaar ministerie niet dat [slachtoffer] spontaan zou zijn langsgekomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/673fe6ca87db2fde146e31f6d7063e9f7847f87ebc4284293ec67d7d3c46cd6a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 673fe6ca87db2fde146e31f6d7063e9f7847f87ebc4284293ec67d7d3c46cd6a, en de alinea staat in dat document op bytes 19765 tot 20500.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/673fe6ca87db2fde146e31f6d7063e9f7847f87ebc4284293ec67d7d3c46cd6a | shasum -a 256