Citaat | Gerechtshof Amsterdam 29 november 2016

Onder 4 Gerechtshof Amsterdam 29 november 2016

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 29 november 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:5325.

“4.1. De rechtbank is op basis van de vaststaande feiten en hetgeen partijen over en weer naar voren hebben gebracht, van oordeel dat hoewel voor wat betreft de leningsovereenkomst en het renteswap contract sprake is van twee op zichzelf staande overeenkomsten, deze zodanig met elkaar samenhangen dat zij in onderlinge samenhang moeten worden gewaardeerd. Daarbij is van belang dat de overeenkomsten vrijwel te zelfder tijd zijn afgesloten, dat de hoofdsom van het renteswap contract gelijk is aan de hoofdsom van de leningsovereenkomst en door contractspartijen ook uitdrukkelijk beoogd is om met de renteswap het aan de door eiser aangetrokken lening ad € 7.000.000 verbonden risico van een rentestijging te beperken. Dat deze bedoeling naar de mening van eiser aanvankelijk onvoldoende tot zijn recht kwam in de met [onderdeel B van bank Y] gesloten overeenkomst, hetgeen hersteld is door de vaststellingsovereenkomst van 27 april 2012, doet hier niet aan af. De renteswap heeft immers van meet af aan het renterisico op de lening gedempt en de bedoeling van partijen was dat de renteswap ertoe zou leiden dat in feite sprake zou zijn van een lening met een (nagenoeg) vaste rente.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0fbf8d9eb5e8c0c1fcf54eb8320bd4e649b8a375404a6d06b639e90489be2431. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0fbf8d9eb5e8c0c1fcf54eb8320bd4e649b8a375404a6d06b639e90489be2431, en de alinea staat in dat document op bytes 29841 tot 31066.