Citaat | Gerechtshof Amsterdam 29 november 2016

Onder 4.4.10. Gerechtshof Amsterdam 29 november 2016

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 29 november 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:5325.

Voor zover, gegeven het oordeel onder 4.4.8, het standpunt van belanghebbende inhoudt dat een daling van de marktrente tot uiting mag komen in een hogere waardering van de lening op de werkzaamhedenbalans, omdat (nog steeds uitgaande van het oordeel onder 4.4.8) de jaarlijks feitelijk verschuldigde vaste rente hoger is dan de op balansdatum geldende marktrente, heeft het volgende te gelden. Goed koopmansgebruik staat niet toe bij een daling van de marktrente de contante waarde van de op toekomstige jaren betrekking hebbende overeengekomen rentelast, voor zover deze uitgaat boven de marktrente, door een verhoging van de waardering van de schuld in een eerder jaar in aanmerking te nemen. Een dergelijke waardering zou immers tot het (ongewenste) gevolg leiden dat bij de jaarwinstberekening lasten in aanmerking worden genomen die betrekking hebben op toekomstige jaren (HR 23 januari 2004, ECLI:NL:HR:2004:AI0416, BNB 2004/163, r.o. 3.4). Een dergelijk gevolg zou in strijd zijn met het aan goed koopmansgebruik ten grondslag liggende realiteitsbeginsel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0fbf8d9eb5e8c0c1fcf54eb8320bd4e649b8a375404a6d06b639e90489be2431. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0fbf8d9eb5e8c0c1fcf54eb8320bd4e649b8a375404a6d06b639e90489be2431, en de alinea staat in dat document op bytes 49223 tot 50312.