Citaat | Gerechtshof Amsterdam 20 december 2016
Onder 3.3.1. Gerechtshof Amsterdam 20 december 2016
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 20 december 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:5480.
Bij de beoordeling van deze grieven dient tot uitgangspunt dat ABN AMRO ingevolge artikel II.4 Algemene Bepalingen voor Kredietverlening bevoegd was op ieder moment het krediet op te zeggen. Niettemin kan opzegging niet rechtsgeldig worden geacht, indien gebruikmaking van deze bevoegdheid naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar was (vgl. HR 10 november 2014, ECLI:NL:HR:2014:2929). Daarbij geldt dat de maatstaf van artikel 6:248 lid 2 BW (“onaanvaardbaar”) meebrengt dat de rechter bij de toepassing van deze bepaling de nodige terughoudendheid in acht dient te nemen. Bij de beantwoording van de vraag of dit het geval is weegt mee dat ABN AMRO op grond van onder andere haar algemene voorwaarden de nodige zorgvuldigheid in acht diende te nemen en dat zij daarbij naar beste vermogen met de belangen van de cliënt rekening diende te houden. Nu [appellanten] een beroep doet op de rechtsgevolgen die voortvloeien uit artikel 6:248 lid 2 BW en/of artikel 6:162 BW, rust op haar de stelplicht en de bewijslast van feiten en omstandigheden die dit beroep rechtvaardigen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/91b3cb3709211661769e36315bb6b5e0551835373c77e5be2f380264fc2816f5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 91b3cb3709211661769e36315bb6b5e0551835373c77e5be2f380264fc2816f5, en de alinea staat in dat document op bytes 37262 tot 38375.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/91b3cb3709211661769e36315bb6b5e0551835373c77e5be2f380264fc2816f5 | shasum -a 256