Citaat | Gerechtshof Amsterdam 20 december 2016

Onder 3.3.5. Gerechtshof Amsterdam 20 december 2016

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 20 december 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:5480.

Met haar referentie in de opzeggingsbrief aan zorgen van belangrijke opdrachtgevers doelt ABN AMRO klaarblijkelijk op het verzoek van [D] van 3 mei 1999 om belangrijke opdrachtgevers gerust te stellen (zie 2.16), aan welk verzoek ABN AMRO op 4 mei 1999 gevolg heeft gegeven (zie 2.17). Niet kan worden geoordeeld dat naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar was dat ABN AMRO deze zorgen in aanmerking nam bij de beantwoording van de vraag of het PBRI-concern het vertrouwen van klanten zou kunnen behouden en of zij het krediet zou opzeggen. Daarbij mocht de bank meewegen dat [A] zelf in verscheidene kranteninterviews de publiciteit had gezocht over de problemen waarmee het PBRI-concern kampte.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/91b3cb3709211661769e36315bb6b5e0551835373c77e5be2f380264fc2816f5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 91b3cb3709211661769e36315bb6b5e0551835373c77e5be2f380264fc2816f5, en de alinea staat in dat document op bytes 44074 tot 44806.