Citaat | Gerechtshof Amsterdam 14 december 2016

Onder 2.9 Gerechtshof Amsterdam 14 december 2016

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 14 december 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:5596.

Voor zover de onderzoeker, naast het getuigenverhoor voor de rechtbank Gelderland, nog steeds een verhoor op de voet van artikel 2:352a BW wenst, acht de Ondernemingskamer op proceseconomische gronden aangewezen dat [B] en [C] gedurende hun verblijf in Nederland ter gelegenheid van het voorlopig getuigenverhoor ten overstaan van de rechtbank Gelderland, tevens op de voet van artikel 2:352a BW worden gehoord. De raadsheer-commissaris is bereid om op verzoek van de onderzoeker (te trachten) het getuigenverhoor op de voet van artikel 2:352a BW te doen plaatsvinden in de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen. De Ondernemingskamer verzoekt de onderzoeker – die naar valt aan te nemen over deze informatie kan komen te beschikken – in dat geval te zijner tijd (tijdig) uitsluitsel te verstrekken over de datum en het tijdstip die door de rechtbank Gelderland voor het verhoor van [B] en [C] worden bepaald.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/28e0946387b3c4753e766099aa3731b131f69eb010e98cf69ce84350aebd624b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 28e0946387b3c4753e766099aa3731b131f69eb010e98cf69ce84350aebd624b, en de alinea staat in dat document op bytes 18630 tot 19563.