Citaat | Gerechtshof Amsterdam 23 februari 2016

Onder 3.5. Gerechtshof Amsterdam 23 februari 2016

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 23 februari 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:657.

Vervolgens dient de vraag te worden beantwoord of zich in deze zaak de uitzonderingssituatie van artikel 7:671b lid 6 aanhef en onder a BW voordoet dat het aan het ontbindingsverzoek ten grondslag gelegde disfunctioneren van [appellante] geen verband houdt met haar gezondheidstoestand. Relevant voor de beantwoording van die vraag is dat [appellante] eerst ziek is geworden enkele weken nadat CBR haar op 7 juli 2015 had meegedeeld dat zij geen rijexaminator meer kon zijn. Daarvoor was [appellante] na (periodes van) ziekte telkens weer geschikt geacht voor haar eigen werk voor het aantal uren waarvoor zij na een ongeval in 2002 was goedgekeurd (zeventig procent). In het verleden werd tijdens jaar- en voortgangsgesprekken naast het disfunctioneren van [appellante] weliswaar ook haar hoge ziekteverzuim aan de orde gesteld, maar naar het oordeel van het hof stonden de over haar (dis)functioneren gemaakte opmerkingen los van haar arbeidsongeschiktheid.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8de7b998e3da76c0748d85812af8a50d27ea34248aeac8a9787f44d193214d97. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8de7b998e3da76c0748d85812af8a50d27ea34248aeac8a9787f44d193214d97, en de alinea staat in dat document op bytes 23258 tot 24231.