Citaat | Gerechtshof Amsterdam 26 februari 2016

Alinea 147 Gerechtshof Amsterdam 26 februari 2016

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 26 februari 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:675.

Voorts volgt uit vaste jurisprudentie ter zake van witwassen dat in het geval dat het witwassen betrekking heeft op gelden/voorwerpen afkomstig uit eigen misdrijf, er in beginsel sprake dient te zijn van een handeling die erop is gericht om de crimineel verkregen gelden/voorwerpen veilig te stellen. In dergelijke gevallen moet sprake zijn van een gedraging die meer omvat dan het enkele verwerven of voorhanden hebben en die een op het daadwerkelijk verbergen of verhullen van de criminele herkomst van die door eigen misdrijf verkregen gelden/voorwerpen gericht karakter heeft. Die regel gaat niet op in gevallen waarin sprake is van voorwerpen die “middellijk” afkomstig zijn uit een door de verdachte zelf begaan misdrijf doordat direct uit misdrijf afkomstige voorwerpen nadien zijn omgezet in andere voorwerpen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e3ef7802cce0af66d9bba267fe885d7727635d0df5d2752c5c4ae603f8c19774. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e3ef7802cce0af66d9bba267fe885d7727635d0df5d2752c5c4ae603f8c19774, en de alinea staat in dat document op bytes 44813 tot 45648.