Citaat | Gerechtshof Amsterdam 1 maart 2016

Onder 2.3 Gerechtshof Amsterdam 1 maart 2016

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 1 maart 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:702.

Voor zover relevant luidt artikel 382 Rv als volgt: ‘Een vonnis dat in kracht van gewijsde is gegaan, kan op vordering van een partij worden herroepen indien: a. het berust op bedrog door de wederpartij in het geding gepleegd’ . Het begrip bedrog moet ruim worden uitgelegd. Daaronder kan ook vallen het verzwijgen van feiten die tot een voor de wederpartij gunstige afloop van de procedure zouden hebben kunnen leiden. Voldoende is dat feiten en omstandigheden bekend zijn geworden die zozeer de verdenking van bedrog rechtvaardigen, dat de partij die zich bedrogen acht, langs de weg van heropening van het geding de gelegenheid behoort te krijgen de zaak nogmaals aan de rechter voor te leggen opdat die met inachtneming van die feiten en omstandigheden de zaak opnieuw beoordeelt. De rechter zal pas in het heropende geding ten gronde behoeven te onderzoeken of werkelijk bedrog in het voorgaande geding is gepleegd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9f6cd486bc5135f6d75095f67bbc0da793c3e4dff95bfe72824ca9db283eae46. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9f6cd486bc5135f6d75095f67bbc0da793c3e4dff95bfe72824ca9db283eae46, en de alinea staat in dat document op bytes 8587 tot 9558.