Citaat | Gerechtshof Amsterdam 8 maart 2016
Onder 2.7. Gerechtshof Amsterdam 8 maart 2016
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 8 maart 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:857.
Op grond van hetgeen onder 2.4.2 is opgesomd is de conclusie gerechtvaardigd dat [appellant] informatie, waarom het hof uitdrukkelijk had gevraagd, (al dan niet bewust) heeft achtergehouden. Omdat in hoger beroep door [appellant] voor het eerst een beroep op de artikelen 1:88/89 BW is gedaan lag het op zijn weg de voor dit beroep van belang zijnde gegevens, ook die met betrekking tot het (te voorziene) beroep op artikel 1:88, lid 5, BW, zo spoedig en zo volledig mogelijk te verstrekken, dan wel uit te leggen waarom hij niet meer stukken kon overleggen dan hij heeft gedaan.. Ook nadat het hof hem een uitdrukkelijke opdracht had gegeven heeft [appellant] aan die verplichting niet voldaan. Gezien het vergevorderde stadium waarin de procedure zich thans bevindt kan de aan [appellant] op te leggen sanctie slechts zijn dat de stelling van CFNR, dat [appellant] ten tijde van het aangaan van de overeenkomst voor meer dan 50% (indirect) aandeelhouder was van Zermatt, door [appellant] onvoldoende gemotiveerd is betwist en derhalve als vaststaand moet worden aangenomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ae5c948e7c960b296e4600539fc92d91308cd4e35ebf28e7352637f0870b7906. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ae5c948e7c960b296e4600539fc92d91308cd4e35ebf28e7352637f0870b7906, en de alinea staat in dat document op bytes 17508 tot 18599.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ae5c948e7c960b296e4600539fc92d91308cd4e35ebf28e7352637f0870b7906 | shasum -a 256