Citaat | Gerechtshof Amsterdam 1 maart 2016
Onder 5.4.2. Gerechtshof Amsterdam 1 maart 2016
Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 1 maart 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:911.
Uit voorgaand citaat - met name de gecursiveerde zinsneden - leidt het Hof af dat de inspecteur subsidiair stelt dat de fiscale werkelijkheid een andere was dan de civielrechtelijke. Hij stelt dat er niet alleen een civielrechtelijke dienstbetrekking tussen [A] en [B] en hun Houdstervennootschappen is tot stand gekomen, maar dat er ook een (fiscaalrechtelijke) dienstbetrekking tussen [A] en [B] en belanghebbende heeft bestaan. Het Hof begrijpt dat de inspecteur de gepresenteerde civielrechtelijke werkelijkheid (het bestaan van de Houdstervennootschappen, de managementovereenkomst) als zodanig erkent; hij kwalificeert ze echter fiscaal anders.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6dca5fe66acc21a1e5369a835db0a17446601add75db00d8efcbd1f4ce1428fe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6dca5fe66acc21a1e5369a835db0a17446601add75db00d8efcbd1f4ce1428fe, en de alinea staat in dat document op bytes 35321 tot 35985.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6dca5fe66acc21a1e5369a835db0a17446601add75db00d8efcbd1f4ce1428fe | shasum -a 256