Citaat | Gerechtshof Amsterdam 23 januari 2017

Alinea 575 Gerechtshof Amsterdam 23 januari 2017

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 23 januari 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:161.

Het hof overweegt dat voren omschreven gang van zaken in beginsel niet valt aan te merken als oplichting in de zin van art. 326 Sr; aangevers hebben gereageerd op een scherpe aanbieding op basis waarvan zij het aangeboden product wensten te verkrijgen en zij zijn hierdoor bewogen tot het doen van een aanbetaling.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/08a8cb96e1fe08795a0b57c0f053234a8647c97ed3efa23436188c47548178ed. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 08a8cb96e1fe08795a0b57c0f053234a8647c97ed3efa23436188c47548178ed, en de alinea staat in dat document op bytes 87758 tot 88086.