Citaat | Gerechtshof Amsterdam 16 juni 2017

Onder 8.20. Gerechtshof Amsterdam 16 juni 2017

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 16 juni 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:2257.

De Hoge Raad heeft in het arrest van 9 oktober 2015 (ECLI:NL:HR:2015:3018) – eveneens naar aanleiding van een prejudiciële vraag – geoordeeld dat de belangen van individuele gerechtigden bij vernietiging van overeenkomsten zich in beginsel eveneens lenen voor bundeling in een daarbij aansluitende vordering op de voet van artikel 3:305a BW. Indien een dergelijke vordering wordt ingesteld, past het volgens de Hoge Raad bij de met de collectieve actie beoogde effectieve en efficiënte rechtsbescherming dat een gerechtigde in afwachting van de uitkomst van die collectieve actie vooralsnog kan afzien van stuitingshandelingen of buitengerechtelijke vernietiging van de overeenkomst.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e167d505a5b36a72b8eaa47b5363b5f6f430b2904c4d88f756151a535cf5d8a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e167d505a5b36a72b8eaa47b5363b5f6f430b2904c4d88f756151a535cf5d8a, en de alinea staat in dat document op bytes 88643 tot 89345.