Citaat | Gerechtshof Amsterdam 20 juni 2017

Onder 2.3 Gerechtshof Amsterdam 20 juni 2017

Een alinea uit Gerechtshof Amsterdam 20 juni 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:2407.

Op grond van genoemde getuigenverklaringen gaat het hof ervan uit dat in ieder geval tijdens de bespreking op 19 april 2007 voor de gesprekpartners bij meerbedoeld overleg duidelijk was dat DHL c.s. wenste dat de PT pensioengevend bleef en de TOW niet-pensioengevend bleef en dat Kuijpers op onderzoek uitging om te bezien of aan die wens tegemoet kon worden gekomen. Het feit dat Kuijpers op onderdelen zich bepaalde zaken niet kan herinneren acht het hof daaraan niet in de weg te staan, te minder waar zij nergens heeft verklaard dat hetgeen haar werd voorgehouden niet klopt. Aan het vorenstaande doet evenmin af dat getuige [D] (de enige andere getuige die bij de bespreking op 19 april 2007 aanwezig is geweest) heeft verklaard zich te herinneren dat tijdens die bijeenkomst over de PT is gesproken maar niet dat toen ook de TOW aan de orde is geweest, dit ook - naast het feit dat een verklaring je iets niet te herinneren niet gelijk te stellen valt met een verklaring dat iets niet is gebeurd - nu uit zijn verklaring valt op te maken dat voor hem alleen van belang was of de PT ook bij het BPF pensioendragend zou zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/400bb83fc3f1d076a73398f4a7276f14b3c3aecb608e3fe505ada414d695cf84. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 400bb83fc3f1d076a73398f4a7276f14b3c3aecb608e3fe505ada414d695cf84, en de alinea staat in dat document op bytes 11953 tot 13097.